Bescherming tegen aanrakingsgevaar: Welke PBM schrijft de NEN 3140 voor?

Eén onbedoeld contact met een spanningvoerend deel kan leiden tot spierkrampen, hartfalen of de dood. Toch wordt aanrakingsgevaar bij elektrotechnische werkzaamheden regelmatig onderschat. De NEN 3140+A3:2019 besteedt in bijlage G uitgebreid aandacht aan de persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) die hiertegen beschermen. In deze blog: wat schrijft de norm voor, en wanneer moet je deze PBM toepassen?

Wat is aanrakingsgevaar?

De NEN 3140 definieert in bepaling 3.1.5 elektrisch gevaar als de mogelijkheid op letsel veroorzaakt door elektriciteit. Aanrakingsgevaar is daarvan de meest directe vorm: ongewild contact met spanningvoerende delen.

Het begrip aanrakingsveilig (bepaling 3.3.101) houdt een beschermingsgraad in van ten minste IPXXB of IP2X – delen zijn dan niet met een vinger of gereedschap te bereiken. Zodra deze bescherming wegvalt, bijvoorbeeld doordat een kast wordt geopend of een afscherming wordt verwijderd, ontstaat aanrakingsgevaar en zijn PBM noodzakelijk.

VOP en VP

De gevarenzone (bepaling 3.3.2) rondom actieve delen is afhankelijk van het type werkzaamheid:

Type werkzaamheidMinimale afstand (DL)
Bij meten0,05 m (5 cm)
Bij bedienen0,1 m (10 cm)
Bij overige werkzaamheden0,5 m (50 cm)

Bron: NEN 3140, tabel 105

PBM tegen aanrakingsgevaar (Tabel G.1)

Bijlage G, tabel G.1 geeft het volledige overzicht van beschermingsmiddelen tegen aanrakingsgevaar. Hieronder de belangrijkste, met toelichting.

Isolerende handschoenen (NEN-EN-IEC 60903)

Het meest gebruikte PBM tegen aanraking. Verplicht bij werkzaamheden binnen 50 cm, bediening binnen 10 cm en metingen binnen 5 cm van aanraakbare actieve delen. Vóór elk gebruik oprollen en met lucht vullen om de dichtheid te controleren; controleer de zijrand op haarscheuren.

Isolerend afschermdoek

Wordt gebruikt om kasten en geleidende delen tijdelijk af te dekken. Voorgeschreven wanneer het hoofd of lichaamsdelen in contact met geaarde delen kunnen komen: binnen 50 cm bij werkzaamheden, 10 cm bij bediening en 5 cm bij metingen. Ook voor het afschermen van actieve delen conform bepaling 6.2.6.

Geïsoleerd gereedschap (NEN-EN-IEC 60900)

Verplicht bij werken aan of nabij spanningvoerende delen, ook als deze aanrakingsveilig zijn. De norm kent drie typen: geïsoleerd, hybride en isolerend – kies op basis van risicobeoordeling.

Overige middelen

  • Isolerende mat (NEN-EN-IEC 61111) – bij onder spanning werken, voorkomt stroompad via de vloer
  • Gelaatsscherm met 1 000 V-teken (NEN-EN 166) – wanneer het hoofd dichter dan 50 cm bij blanke spanningvoerende delen kan komen
  • Isolerende kleding (NEN-EN 50286) – bij onder spanning werken
  • Isolerende werkschoenen of werklaarzen (NEN-EN 50321-1) – bij onder spanning werken

Wanneer zijn PBM tegen aanraking verplicht?

De NEN 3140 koppelt PBM aan concrete werksituaties. De belangrijkste momenten:

  • Voorbereiden van spanningsloos werken: bij het verwijderen van een kunststof afscherming zijn ten minste PBM tegen aanrakingsgevaar verplicht, mits vlambooggevaar afwezig is (bepaling 6.1.1). Bij een metalen afscherming moet de installatie spanningsloos zijn, anders geldt het als onder spanning werken.
  • Onder spanning werken: bepaling 6.3.1.5 vereist isolerende handschoenen, geïsoleerd gereedschap en isolatie ten opzichte van aarde (matten, schoeisel, afschermingsmiddelen). Geen metalen voorwerpen dragen als dit gevaarlijk is.
  • Metingen: bij handen in de gevarenzone en beperkt kortsluitvermogen: ten minste isolerende handschoenen (bijlage H). Bij hoog kortsluitvermogen en niet-aanrakingsveilige situatie: afgeschermde meetpennen én isolerende handschoenen.
  • Onderhoud en vervangingen: alle uitvoerenden moeten werken met deugdelijke PBM in goede staat (bepaling 7.2.3). Bij het vervangen van mespatronen zijn afdoende PBM verplicht als gevaar kan ontstaan (bepaling 7.4.1.102).
  • Nauwe geleidende ruimten: in kruipruimten, tanks en staalconstructies is extra isolatie noodzakelijk omdat de werker zich moeilijk kan onttrekken aan aanrakingsgevaar (bepaling 6.101.1).

Eisen aan PBM

Bepaling 4.6 stelt dat alle beschermingsmiddelen:

  • Moeten voldoen aan de internationale, Europese of nationale normen (herkenbaar aan IEC- of VDE-markering)
  • Geschikt, correct gebruikt, goed onderhouden en goed opgeborgen moeten zijn
  • Regelmatig en na reparaties moeten worden geïnspecteerd (bepaling 5.102)
  • Een Nederlandstalige gebruiksaanwijzing moeten hebben

Daarnaast koppelt de norm het gebruik van PBM aan competentie: alleen aangewezen personen (bepaling 3.2.101) mogen werken in de gevarenzone. In het aanwijzingsdocument wordt vastgelegd over welke PBM de persoon beschikt.

Conclusie

Aanrakingsgevaar is aanwezig bij meer werkzaamheden dan veel mensen denken – niet alleen bij onder spanning werken, maar ook bij het openen van een kast of het uitvoeren van een meting. De NEN 3140 biedt via tabel G.1 een helder overzicht van de verplichte PBM. De boodschap: beoordeel vóór elke handeling of aanrakingsgevaar aanwezig kan zijn, kies de juiste PBM, controleer ze vóór gebruik en zorg dat alleen aangewezen personen de werkzaamheden uitvoeren.

Wil je weten of uw organisatie voldoet aan de PBM-vereisten van de NEN 3140? Leer het in onze NEN 3140 cursussen.

Iris Quak
Iris Quak